Slaapwandelaar(tje)?

SLAAPWANDELAAR(TJE)?
Geschreven door Rob Meyer

Donderdag Opadag.
’s Middags Baviaantje van school gehaald, lijstje met boodschappen en meer van dat ‘to do’ spul op onze bucketlist afgewerkt en op naar huis.
Eindelijk is de avondmaaltijd geschiedenis, alsmede mijn grootste ‘hobby’: afwas.
Hoe zeldzaam scherpzinnig overigens is deze naam gekozen:
‘ik wou dat de afwas af was.’
Dan Kleinzoon onder de douche, afdrogen, pyjama aan en samen op het Grote Bed van opa voorlezen uit, alweer, nog steeds, het Grote Dierenboek.
Inmiddels weten wij samen meer van dieren dan welke bioloog dan ook.
Je zou zomaar kunnen vermoeden dat de werkmatige toekomst van Kleinzoon ergens op het dierenartsvlak zal komen te gaan liggen.
Of misschien bioloog, natuurvorser, onderzoeker naar uitgestorven dieren.
In dat laatste geval kan hij nu alvast beginnen met de neushoorn, zolang er nog een stuk of twee rondlopen. Met dank aan stropers, maar bovenal rijke Chinezen die voor hoorns meer geld neertellen dan voor goud (feit).
Maar lukt dat allemaal niet, dan is een toekomst als slager ook wel ‘iets met dieren’.
Maar dat moeten nog maar zien. Hij is nog piepjong en heeft nog een lange weg te gaan voor hij zich zal moeten gaan richten op een ‘carrière’.
Carrière: het in deze maatschappij onvermijdelijk noodlot van nog zoekende jongeren, die gedreven door angst, pressie van ouders, school en Overheid, hun eigenheid dichtgemetseld zien om toch een vooral succesvol lid te worden van de samenleving.
Om er dan na verloop van tijd achter te komen dat het dit toch niet was.
Gevolg: schrikbarende toename van Burn Outs.
Ouders: spoiler alert!!
Maar terug naar Kleinzoon.
Als voor hem niets diermatigs uit de bus lijkt te komen, tegen die tijd, dan kan hij altijd nog solliciteren bij de Partij voor De Dieren, bij grote dierenliefhebster Marianne Thieme.
Opties genoeg dus.
Maar nu weer over tot de orde van de dag.
Na het voorlezen en wat stoeien op Het Grote Bed, Linéa recta richting Slaapkamertje.
Gordijntjes toe, nachtlampje aan, speeldoosje op repeat en ‘lekker slapen jongen’.
‘Ja opa,’klinkt het vanonder de dekentjes.
Nog even checken of ‘Koe’, het onafscheidelijke, ooit op een koe lijkend vodje (laat-ie het maar niet horen…) wel bij hem ligt, anders breekt de paniekhel los, en dan gaat opa richting beneden verdieping om de kamer weer tot kamer te laten verworden.
Na zo’n dagje spelen bij opa namelijk is de woonruimte in mum van tijd verworden tot een op Tsjernobyl gelijkende rampgebied. Ongelooflijk hoe snel alle speelgoed – en daar ligt inmiddels nogal wat! – als een kernexplosie door de kamer vliegt! Geen stukje blijft op plek.
Maar dat hoort er nu eenmaal bij.
Na deze noodzakelijke opruimactie is het tijd voor thee, verse pijp en een welverdiend filmpje kijken.
Op de computer, middels een groot scherm, want die afstandsbedieningen vragen tegenwoordig minimaal om een universitaire opleiding.
En daar heb ik een gruwelijke hekel aan.
Pc, muis, klikklik en op naar de film. Hoe simpel kan het leven zijn?
Maar zo langzaamaan tegen het einde van de – spannende – film, valt mij een licht gesnurk op. Ik denk dat het van Gijsje, mijn huispoes, komt die ergens onder de tafel of bank hout ligt te zagen. Zo te horen zal er wel inmiddels een fikse berg zaaghout moeten liggen.
Maakt niet uit, hoort erbij.
Maar goed, op naar de ontknoping van de film.
Loopt gelukkig goed af en nu tijd voor ledikant.
Doch bij het moment van opstaan struikel ik bijkans over een hoopje lappen tussen de salontafel en de 3zitsbank. Nader onderzoek leert opa dat het gesnurk niet van Gijsje afkwam, maar van Kleinzoon, die op sluipvoetjes zijn bed uit is gekropen, met Koe in de hand de trap af is geslopen, om muisstil de tijdelijk tot bioscoop omgebouwde huiskamer binnen te sneaken, hetgeen opa, volkomen geabsorbeerd door de film, nooit heeft gemerkt.
Al onhoorbaar en onzichtbaar, want achter mijn rug, kiest de kleine aap het voornoemde plekje tussen bank en salontafel, en geeft zich buikliggend weer over aan de werking van Morpheus.
Al snurkend, want buikligging blijkt veelal te leiden tot snurken.
Zie bijgaande foto…
Liefdevol het menshoopje opgetild, en al knuffelend naar boven en hem weer zachtjes in zijn bedje gelegd.
Uiteraard met Koe.
Ik heb hem niet meer gehoord.
De volgende dag vroeg ik hem naar zijn nachtelijke onderneming, maar meneertje wist er helemaal niets meer van!
Van Moeder hoorde ik dat hij wel vaker slaapwandelt.
En dat ze hem soms ’s morgens beneden in de huiskamer op de bank onder de kussens aantreft, al snurkend.
Want buikligging resulteert dikwijls, zo zegt men, in snurken.

EINDE

Voor meer gratis verhalen, gedichten en columns, meld je aan op mijn FB-pagina:

https://www.facebook.com/groups/377554749281077/