Aflevering 4: Een puppy in huis

EEN PUPPY IN HUIS
Geschreven door Bert Plomp

Wat had ik me oneindig veel beter gevoeld als ze me had kunnen influisteren: “Bert, maak er alsjeblieft een einde aan”. Veel beter, niet alleen op de dag zelf, toen ik besloot mijn lieveling Swilly te laten inslapen. Ook jaren later, wanneer ik ‘s nachts terugdacht aan die dag in februari, waarop ik de dierenarts vroeg bij ons thuis te komen om mijn border collie een “spuitje” te geven.
Nog steeds heb ik het er behoorlijk moeilijk mee en krijg ik tranen in mijn ogen als ik aan dat moment terugdenk.

Je weet namelijk nooit zeker, wanneer je zo’n besluit neemt, of je er daadwerkelijk goed aan doet. Het is heel moeilijk om het leven van een dierbare voortijdig te laten beëindigen. Nog los van de vraag of je überhaupt het recht wel hebt om zo’n beslissing te nemen.
Als je honderd procent zeker weet dat je handelt naar de wens van betrokkene, dan kun je er veel meer vrede mee hebben. Maar zelfs dan kun je twijfels houden.
Een natuurlijke dood, ofschoon je dan als achterblijver ook veel verdriet moet verwerken, kun je met de tijd beter accepteren.

Swilly kwam uit een flink nest border collie puppy’s. De eigenaar ervan woonde in de buurt van Eindhoven.
In die tijd had ik er geen moment bij stilgestaan om ook eens een dierenasiel te bezoeken. Kijken of ze daar wellicht zo’n hondje hadden.
Ik had al lang uitgekeken naar de dag waarop ik zo’n slimme leuke sheepdog in huis kon verwelkomen. Ook was ik al geruime tijd op zoek naar een hardloopmaatje. Een maatje dat me kon vergezellen op mijn dagelijkse kilometers. Een maatje dat niet moppert als je er plotseling voor kiest naar links in plaats van naar rechts af te slaan. Dat er plezier in heeft als je besluit nog een paar kilometer extra te lopen en dat niet de hele weg wil praten. Dat zijn tempo steeds weer aan jou aanpast en onvermoeibaar is. Kortom ik was op zoek naar een hond die kilometers kon maken. Die, weer of geen weer, altijd blij is als je ‘m meeneemt voor een rondje rennen.

Ik haalde haar op met de auto, op een bloedhete dag in de zomer van 1992. Ik had het zo gepland dat die dag samenviel met het begin van mijn zomervakantie. Aldus kon ik de jonge collie alle aandacht geven die vereist was.
De keuze was op een teefje gevallen. Zuiver uit esthetische overwegingen, mijnerzijds. Zij kreeg de naam Swilly, genoemd naar Lough Swilly in Noord-Ierland. Een plek waaraan mijn vrouw en ik mooie vakantieherinneringen bewaren.
Daar hadden we die mooie, slimme border collies verschillende malen in actie gezien. Hoe gefocust ze waren. Hoe ze exact wisten wat te doen bij ieder subtiel fluitsignaaltje dat hun baasje afgaf. Hoe ze tientallen schapen onder controle hielden. Op hoog gelegen glooiende bergweides en op duizelingwekkend steile hellingen boven de afgronden van de Atlantische Oceaan. Fantastisch om dat in levende lijve te aanschouwen.

De zomervakantie bracht ik door in mijn vakantiehuisje in Doorn.
De rit van Eindhoven naar Doorn was voor het hondje een hele beproeving. Het was ook niet niks om bij je moeder weggehaald te worden. Om geconfronteerd te worden met volstrekt vreemde personen en voor het eerst in je jonge leventje in een snoeihete auto te moeten reizen.
Het duurde dan ook niet lang of Swilly moest tijdens het rijden braken.
Als straf voor mijn kidnapping, kon ik de rest van de nog af te leggen route doorbrengen in de zure lucht van haar braaksel.
Het was voor alle betrokkenen een hele verademing toen we eindelijk het vakantiehuisje in het bos bereikten.
Swilly zocht buiten direct een schaduwrijk plekje op onder een van de talrijke naaldbomen. Languit liggend tussen het sprokkelhout, kwam zij geleidelijk tot rust.
De eerste nacht, in een heel nieuwe omgeving, zonder moeder, broertjes en zusjes, gaf ze geen kik. De volgende morgen vond Swilly haar bakje met eten en voelde zij zich al helemaal thuis.

WORDT VERVOLGD

Voor meer gratis verhalen en columns, meld je aan op mijn FB-pagina:

https://www.facebook.com/groups/377554749281077/