Aflevering 2: Het moment suprême

 

HET MOMENT SUPRÊME
Geschreven door Bert Plomp

Al naar gelang de dag vorderde richting 8 uur, liep de spanning binnen huize Plomp verder op. Er werden al eerste bespiedende blikken op de openbare weg geworpen om vast te stellen hoe de stand van zaken aldaar was.
De aandacht was met name gericht op de gedragingen van de weggebruikers. Was er al enige nervositeit onder hen bespeurbaar? Versnelden ze al enigszins hun pas om op tijd thuis te zijn?
Pakweg een uur voordat de klok zou worden geluid op de Waalsdorpervlakte, welk ceremonieel rechtstreeks op tv werd uitgezonden, trok mijn moeder zoals altijd de gordijnen aan beide zijden van het voorraam halfdicht.
Gordijnen die geheel of gedeeltelijk toe zijn, tenzij het bedoeld is om de zonneschijn buiten te sluiten of omdat het nachtelijk uur dat vordert, duiden veelal op een sombere gemoedstoestand in Nederland.
Mijn ouders wilden met de gordijnen het signaal afgeven, althans naar de openbare weg toe, dat er achter die voorhangsels gerouwd werd. Evenwel de praktijk was dat vader en moeder zich achter het gordijn nestelden om ongezien de straat af te turen en te controleren welke personen het met de dodenherdenking niet zo nauw namen.
Na gedane arbeid in de vijftiger-zestiger jaren, haastte iedereen zich op 4 mei naar huis. Men wilde op tijd binnen zijn om vooral niet op straat betrapt te worden zodra de minuut stilte om 8 uur aanbrak. Het werd als een doodzonde aangemerkt als je zonder een zeer goed excuus tijdens de herdenking nog buiten vertoefde. Mijn ouders waren daar heel scherp op. Gezeten in hun observatiepost, wachtten zij de ontwikkelingen op straat met spanning af.
Dan was het eindelijk zo ver. Het had wel iets weg van het nationale aftelmoment op oudejaarsavond. Op tv galmde het droevige klokkengelui over de Waalsdorpervlakte. De officiële minuut stilte was aangevangen.
Pa en Ma leunden nu nog iets verder voorover om van achter hun gordijnen andermaal beter te kunnen vaststellen wie er zich nu nog op straat waagde. Natuurlijk waren er altijd wel enkele individuen op straat waar te nemen. Voor zover zij niet stil stonden of niet van de fiets waren afgestapt om hun respect te tonen voor de gevallenen, werden ze door mijn ouders meedogenloos voor schoft, landverrader en wat dies meer zij uitgemaakt. Deze observatie vergde zoveel inspanning van hen, dat hun eigen dodenherdenking er veelal bij inschoot.
Op veel waardering echter kon de GEVU-buschauffeur van lijn 4 altijd rekenen. Heel pontificaal bracht deze man ieder jaar weer zijn bus om 8 uur midden op de weg robuust tot stilstand. Hij sprong dan uit zijn voertuig en ging vervolgens, met de hand aan zijn pet, in de houding voor de bus staan.
Ik vond deze theatrale actie van de man altijd erg gemaakt. Slechts 100 meter voor de plek waar hij zo abrupt op de rem ging staan, was namelijk de eindhalte van lijn 4 gevestigd. In een speciaal daartoe geplaatst hokje bij de halte, hielden de heren buschauffeurs gebruikelijk voor een minuut of tien hun verplichte rustpauze. Waarom daar bij de eindhalte dus niet even wachten tot de herdenking passé was? Waarom zo demonstratief positie kiezen te midden van twee flatgebouwen en daar in het volle zicht van alle huiskamers in de houding gaan staan? Waarschijnlijk omdat hij terecht vermoedde dat veel toeschouwers zijn optreden gadesloegen. Toeschouwers, zoals mijn ouders, die verscholen achter de gordijnen op straat zaten te gluren.
Nog ieder jaar volg ik hier in Ierland aan Dingle Bay de dodenherdenking op de Nederlandse tv. Als de klok dan weer geluid wordt, moet ik steeds een zekere aandrang onderdrukken. Een aandrang om te controleren of er zich nog personen voortbewegen op het zeeweggetje voor het huis. Terwijl er hier in de serre helemaal geen gordijnen hangen. Terwijl het hier op het moment suprême pas 7 uur is!

EINDE

Voor meer gratis verhalen en columns, meld je aan op mijn FB-pagina:

https://www.facebook.com/groups/377554749281077/