Aflevering 10: Maggie en Lizzy

MAGGIE EN LIZZY
Geschreven door Bert Plomp

Na het overlijden van Swilly, heb ik wederom een jonge border collie in huis genomen. Dit teefje was afkomstig van een bevriende boer bij mij in de buurt.
Deze buurman was ervan op de hoogte dat mijn hardloopmaatje was overleden. Hij vroeg mij of ik Maxi van hem wilde overnemen.
Hoewel het vrij kort na het heengaan van Swilly was, heb ik zijn aanbod toch direct geaccepteerd. Ik zie het namelijk niet als een teken dat je makkelijk over de dood van een dierbare heen stapt. Het is meer een blijk dat je niet zonder zo’n maatje kunt. Dat je weer een viervoeter in huis wilt hebben die lijkt op de overledene. Het hondje waar je zo gek op was.
Border collies hebben een heel bijzonder karakter. Ofschoon ze onderling best verschillen, zie je er toch veel van je oude kameraadje in terug.

Ik kende Maxi al enige tijd van mijn rondjes hardlopen. Samen met een paar andere collies, verdedigde ze dag en nacht de boerderij van haar baas. Een erf dat ik dagelijks passeerde.
Ze viel op omdat ze zowel een bruin als een blauw oog had en, in tegenstelling tot haar kameraden, ze zag er altijd brandschoon uit.
De buurman vond dat Maxi niet geschikt was voor het boerenbedrijf. Ze was te netjes en wilde nooit vuil worden.

Met de jeep haalde ik Maxi op en ging direct met haar naar het strand. Aan de kust was ze nog niet eerder geweest.
Haar aanvankelijke schichtigheid verdween als sneeuw voor de zon. Toen we na een strandwandeling naar huis liepen, volgde ze mij direct op de voet.
Thuis kreeg ze een lekkere maaltijd en een ruime, warme mand. De volgende dag wekte Maxi reeds de indruk alsof ze altijd al bij mij had gewoond. Zij kreeg van mij ook een nieuwe naam: Maggie.
Maggie was van meet af aan smoorverliefd op mij. Ze kon me vaak eindeloos en helemaal in vervoering aanstaren. Al mijn bewegingen volgde ze nauwgezet. Ik was alles voor haar.

Na een paar jaar vond ik het tijd er nog een collie bij te nemen, zodat Maggie een speelmaatje had en wat gezelschap als ik een avondje uit was.
Uit een dierenasiel in de buurt van Cork haalde ik samen met Maggie de tweede collie op. Zij kreeg de naam Lizzy.
Lizzy had meer weg van een reu dan van een teefje en vertoonde echt machogedrag. Ze sprong met gemak over de hoogste hekken en ging niets uit de weg. De hele dag kon zij zich vermaken met een bal. Maar haar favoriete bezigheid was het spotten van vliegtuigen.
Waar ik woon, afhankelijk van waar je vertrekt, begint c.q. eindigt de vlucht over de Atlantische oceaan op de route Europa-USA.
Zodra Lizzy een vliegtuig ontwaarde, het was meestal niet meer dan een streep condens, rende ze luid blaffend van de ene duintop naar de andere. Het leek wel of ze de piloot nog wat laatste aanwijzingen wilde meegeven.
Terwijl Lizzy vliegtuigen spotte, werd zij op haar beurt door Maggie gespot. Met haar blauwe oog kon Maggie heel afkeurend kijken naar Lizzy. Eigenlijk bij al haar doen en laten.

Op wintersport waren zij, net als hun voorgangster Swilly, ieder jaar van de partij. Als ik ’s morgens met beide ging hardlopen in de bergen, dan kwamen ze nog wel eens een gems of een hert op het spoor en waren ze niet te stoppen. In een mum van tijd renden ze door de diepe sneeuw een beboste helling af en hoorde je ze een paar honderd meter lager tekeergaan. Soms was ik benauwd dat ik ze nooit meer terug zou zien. Maar vervolgens stonden ze weer even vlot en vrolijk verderop in het bos kwispelend op mij te wachten. Het is onvoorstelbaar hoe die honden het voor mekaar krijgen om door de hoge sneeuw, tussen de naaldbomen door, steil tegen een berghelling op te rennen.
Ze hadden trouwens niet alleen plezier in het drijven van dieren. Over de Schmittenstraße in Zell am See hebben ze ook een paar keer een ski-bus bergafwaarts gedreven. Luid blaffend, aan weerszijden van de bus. Ik krijg nog last van hartkloppingen als ik daaraan terugdenk.

Helaas is Maggie in maart 2016 plotseling overleden. Zij was pas 10 jaar oud. Maggie leed al een tijdje aan de ziekte van Addison. Zij slikte daarvoor tabletjes, die een goede uitwerking op haar hadden.
Het bleef daar echter niet bij. Bij een controle, nadat ik had gemerkt dat ze snel moe werd, bleek dat ze bovendien aan leukemie leed.
De laatste dagen van haar aards bestaan kon ze bijna niet meer ademhalen. Desondanks bleef ze me toch, net als voorheen, voortdurend strak aankijken. Dat hield ze vol tot het moment daar was dat het teveel werd en haar hart brak en daarmede ook het mijne.

Een zware lijdensweg is haar gelukkig bespaard gebleven. Ze ging vrij rustig heen in haar eigen vertrouwde mand naast de warme haard.
Ook toen het over was, keek ze mij, terwijl ik naast haar lag, nog steeds liefdevol aan met haar bijzondere ogen.
De rest van de dag heeft ze zo in haar mand doorgebracht. Met een dekentje over haar heen en mij in haar directe nabijheid. Het leek net of ze lekker lag te slapen met uitgestrekte pootjes.
De volgende dag heb ik haar begraven vlak naast Swilly, alwaar de eerste bloeiende narcissen haar welkom heetten.

EINDE

Voor meer gratis verhalen en columns, meld je aan op mijn FB-pagina:

https://www.facebook.com/groups/377554749281077/