Aflevering 9: Swilly’s laatste dagen

SWILLY’S LAATSTE DAGEN
Geschreven door Bert Plomp

De laatste keer dat ik Swilly meenam op een wintersportvakantie, had ik het gevoel dat ik wellicht teveel van haar vroeg. Vanuit Ierland met de jeep is het een lange reis naar Oostenrijk. Al een tijdje werd ze sneller moe en had ze last van haar nieren.
Maar haar niet te stuiten enthousiasme gaf me toch weer de moed om haar mee te nemen.
In het appartementengebouw in Zell, droeg ik haar iedere keer de trappen op naar de tweede etage. Steile trappen die ze voorheen in een adem op vloog.
Ook ons gebruikelijke rondje hardlopen in de sneeuw bergopwaarts, sloegen we dat jaar over. Het werd met de dag duidelijker dat haar laatste dagen waren aangebroken.

Toen ik in Zell naar een dierenkliniek ging om haar nog eens goed te laten onderzoeken, zei de vrouwelijke dierenarts dat zij op de foto mogelijk een gezwel tussen haar ribben had waargenomen. Bepaald geen geruststellende mededeling dus.
Maar eenmaal buiten in de frisse lucht was Swilly weer een en al vrolijkheid. Al was het maar voor kort, ik putte daar weer nieuwe moed uit.
In een dergelijke situatie heb ik doorgaans alleen maar oog voor positieve signalen. Ik wil dan gewoon niet erkennen dat het de verkeerde kant opgaat met een dierbare.

De terugreis naar Ierland was een lange vermoeiende tocht. Swilly hield zich echter kras.
Toen we de Ierse zee waren overgestoken en voet aan wal hadden gezet in Rosslare, liet ik haar als gebruikelijk los op het strand.
Iedere keer in het verleden als ik met haar het strand opliep, ging ze uit haar bol. Zo liet ze mij zien hoe blij ze was weer terug te zijn op Ierse bodem en weer bijna thuis te zijn.
Ook deze keer, terwijl ze zo ziek was, trok ze met haar laatste krachten een sprintje over het strand en blafte ze luid om mij wellicht gerust te stellen.

Eenmaal thuis gekomen, merkte ik dat het einde nabij was. Mijn dappere collie wilde alleen nog maar liggen. Ze kon nauwelijks nog overeind komen.
De volgende dag was het mooi weer. Ik heb haar dikke matras toen voor het huis op het terras in het zonnetje geplaatst. Vervolgens heb ik haar erop gelegd en een warme deken om haar heen gewikkeld.
Vanaf het terras had ze vrij zicht op haar geliefde oceaan en strand. Ik zag dat ze dromerig naar de golven lag te kijken en dat ze zichtbaar genoot van de frisse oceaanlucht.

Toen ik Swilly die nacht een plas wilde laten doen, kon ze niet meer opstaan. Buiten regende het pijpenstelen.
Met twee wollen sjaals rond haar buik gebonden, probeerde ik samen met mijn vrouw haar wat op te tillen. Om haar zodoende het lopen wat makkelijker te maken. Het hielp echter niet.
Ik liet haar toen even alleen om te zien of ze uit eigen beweging nog iets kon doen. Ze bleef berustend in haar lot liggen in de regen. Ze wilde niet meer overeind komen.
Nadat ik haar naar binnen had gedragen, legde ik haar weer in haar mand. De mand stond vlak naast mijn bed, de plek waar ze altijd sliep.
Toen ikzelf weer in bed lag, besefte ik dat ik dit mijn trotse meisje niet langer aan kon doen. Er zat niets anders op dan dat ik de volgende dag de dierenarts zou bellen om hem te vragen langs te komen.
De rest van de nacht was een ware kwelling.
Uitgeput stond ik op en belde de dierenarts. Gelukkig begreep hij direct wat er aan schortte. Ik kon de woorden “to put my dog asleep” gewoonweg niet uitspreken.

Die vreselijke morgen heb ik Swilly in de huiskamer op haar bed gelegd en haar voortdurend geaaid in afwachting van de komst van de veterinair.
Swilly was ontspannen toen de dierenarts arriveerde. Zoals het met viervoeters vaak is, ze rekenen volledig op je. Ze leggen hun lot compleet in je handen.
De dierenarts onderzocht haar nogmaals uitgebreid. Hij kon ook niets beters bedenken dan Swilly te laten inslapen.
Terwijl ze in mijn armen lag en me vol vertrouwen aankeek, kreeg ze de verlossende injecties.
De hele dag heb ik bij Swilly gezeten en gevoeld hoe langzaam maar zeker de warmte uit haar lichaam wegebde. Op de achtergrond speelde mooie, rustige, Keltische muziek. Op die klanken deed ik haar ziel uitgeleide.

Aan het einde van de middag heb ik haar graf gegraven. Boven op een duin. Op een van haar favoriete plekjes met zicht op de oceaan.
Toen ik haar gewikkeld had in haar warme dekbed, tezamen met haar speeltjes, heb ik haar heel zachtjes in het graf gelegd en de kuil behoedzaam gevuld met zand.
Wekenlang heb ik ‘s nachts lantaarntjes laten branden bij haar graf. Ik wilde haar niet in de duisternis alleen laten.
Swilly’s graf wordt gemarkeerd door een grote zwerfsteen. Inmiddels is het overgroeid door hoge heidestruiken en omrand door naaldboompjes. Tezamen met de oceaan, allemaal elementen waar ze zo gek op was.

WORDT VERVOLGD

Voor meer gratis verhalen en columns, meld je aan op mijn FB-pagina:

https://www.facebook.com/groups/377554749281077/